Nadat Bart De Wever zondag te horen gekregen had dat hij plat op de buik zal moeten gaan, ging het kartel CD&V-N-VA gisterenavond al onmiddelijk plat op de buik. In het openingsdebat van de Gentse LVSV-afdeling ging CD&V(-N-VA) afgevaardigde Hendrik Bogaert conform de voorspellingen plat op de buik. Of zakte hij door het ijs, zoals u wil. Hoewel hij met de nodige geestdrift de Vlaamse zaak verdedigde kon Bogaert het debat toch niet in zijn voordeel beslechten. Het spervuur op links en rechts van Gerolf Annemans (VB) en enfant terrible van de Nederlandstalige politiek in België; Jean-Marie De Decker (LDD), legden Bogaert op basis van de recente evolutie in de kamercommissie binnenlandse zaken het vuur aan de schenen. Bart Tommelein, die VLD-voorzitter Somers verving, Steven Van Hecke van Groen! en Bruno Tuybens van de naar zichzelf op zoek zijnde SPa waren bij gevolg de lachende derde groep die, met de nodige ratio, munt sloegen uit de broedermoord die zich in auditorium E van de Faculteit Letteren en Wijsbegeerte van de Gentse Universiteit voltrok.
Terwijl het krakeel en de beschuldigingen van plat populisme niet uit de lucht waren doorprikte dit debat, waar, ondanks dat het over de vorming van een federale regering ging, geen Franstalige politici aanwezig waren, opnieuw de mythe van de eensgezinde Vlamingen en hun anti-Franstalige front. Niet dat dit betreurenswaardig is. Een dergelijk front, dat geen plaats laat voor een voor alle partijen bevredigend compromis, gaat in tegen de essentiële kenmerken van én een democratische gevoerde politiek én de vorming van een coalitieregering.
Al bij al een aangenaam debat dus waar het bij momenten aandoenlijk was te zien hoe een ex-VU-er zoals Tommelein pleitte voor de versterking van de diverse federale instellingen. Het was verrassend maar interessant te zien hoe de VLD, ondanks het feit dat het kartel CD&V-N-VA blijft claimen dat het de verkiezingen won op basis van zijn Vlaamsnationalistische programma, toch de politieke moed op brengt om, terecht, te pleiten ten voordele van België en de Belgische federale staat. Niet dat ik ‘nen blauwen’ ben, het economische dereguleringsstandpunt dat de liberale partijen traditioneel huldigen kan me alles behalve bekoren, maar ik moest toch toegeven dat de liberalen deze avond overschot van gelijk hadden, zeker wanneer Tommelein de noodzaak van de vorming van een federale kieskring bepleitte. Een kieskring die, in tegenstelling tot het destructieve splitsingsvoorstel met betrekking tot B-H-V, politici van de diverse taalgroepen zal verplichten hun federale verantwoordelijk wel degelijk op te nemen. En daar kan alleen maar iedereen wel bij varen.
Categorie: België, Bogaert, De Decker, De Wever, Tommelein, Tuybens, Van Hecke