Varkensvlees en varens; Vanuatu viert de onafhankelijkheid
Vier zegels, vier symbolen van de staat. Vanuatu vierde op 30 juli 1980 de vijfde verjaardag van de onafhankelijkheid. Op filatelistische vlak werd dit met de nodige luister gevierd middels de uitgifte van een vierdelige reeks postzegels. Een kleine reeks die heel wat te vertellen heeft over het, toen nog, piepjonge land van oorsprong.
Uiteraard is er de landkaart. Een territorium is nu eenmaal cruciaal voor een staat. Maar er is meer. We zien enerzijds enige strofen uit het volkslied en anderzijds het staatswapen van de jonge republiek. Republiek en geen constitutionele monarchie, zoals dat in zovele andere voormalige Britse gebiedsdelen in de Stille Zuidzee wel het geval was.
Een blik op de symbolen leert veel over de staat. De gele krul die de op het eerste zicht varens omgeeft is eigenlijk een varkenstand. Varkens zijn in dit deel van de wereld nu eenmaal zowat het belangrijkste dier waar men mee te maken kan hebben. De varenachtige bladeren blijken uiteindelijk de bladeren van de namela-plant te zijn. Zowel blad als tand symboliseren voorspoed en vrede. Ook de kleur van afbeelding is cruciaal. Geel staat voor het licht van Christus. Ook het Christelijk geloof neemt in dit deel van de wereld een belangrijke plaats in.
Datzelfde geel vind men bovendien terug in de vlag. De gele Y-vorm stelt enerzijds de republiek voor, beschenen door het Christelijke licht, terwijl het zwart het Melanesische werelddeel en volk voorstelt. Rood stelt de bloedbanden tussen de Melanesiërs voor. Bloedbanden die, ook in dit deel van de wereld, van groot belang zijn. Groen tenslotte geeft een aanwijzing naar de economische orientatie van het land. Landbouw is nu eenmaal voor Vanuatu, zoals voor zoveel andere ontwikkelingslanden, de voornaamste economische sector.
Rest nog het staatswapen. Daarop is, hoe kan het ook anders, een vervaarlijke krijger terug te vinden. Een man, want ook dit deel van de wereld is nu eenmaal a men’s world. Misschien nog iets meer dan de rest van de wereld. Let ook op de obligate varkenstand, die we ook nog op de vlag terugvinden.
Afgewerkt is het plaatje tenslotte met de spreuk die we aan de voeten van de krijger, hoofd is misschien een beter woord, terugvinden. Long God Yumi Stanap, luidt deze spreuk in het Ni-Vanuatu, ofwel, In God we Stand, om het met de Engelse versie te zeggen. Waarmee vader des vaderlands Walter Lini, de eerste premier van dit eilandenrijk, aangaf hoe belangrijk het was dat het land als één natie opstond. De nood aan cohesie was in 1980 dan ook hoog. In juni 1980, amper een maand voor de formele onafhankelijkheid, scheurde een van de grotere eilanden, Espirito Santo, zich, onder leiding van Jimmy ‘Moses’ Stevens, kortstondig van de republiek af.
Categorie: Vanuatu, onafhankelijkheid, varkens
