De kiezer heeft gekozen, de hoogmis van de democratie is weer eens voorbij. Gedurende een paar uur werden gisteren de individuele stemmen van enkele miljoenen kiesgerechtigden ritueel tot de wil van het volk omgetoverd. Althans toch volgens de officiële lezing van het concept democratie. De uitslag is intussen genoegzaam bekend; terwijl onze Franstalige landgenoten de PS nog een kans gaven, besliste ongeveer 35 procent van de Nederlandstaligen dat wat hen betrof CD&V en N-VA een kans verdienden. De laatste twee werden dan ook tot winnaar van de verkiezingen voor de Vlaamse Raad uitgeroepen.
En dat laatste roept toch wel wat vragen op. Enerzijds was 65 procent van de kiesgerechtigde Nederlandstalige Belgen van mening dat CD&V en N-VA, die toch grotendeels verantwoordelijk zijn voor de zware politieke crisis waar ons land de laatste twee jaar met te kampen had, geen niet de geschikte partijen zijn om verder te regeren. Bovendien stemde 10 procent niet eens voor wat gezien kan worden als de grote partijen! Vijf procent vond het zelfs nodig blanco of ongeldig te stemmen. Dat zijn zware cijfers. Meer zelfs, dát zijn dé cijfers van deze verkiezingen.
Eén conclusie is alvast dat de bevolking zichzelf door een substantieel deel van de eigen in-group een serieuze pad in de korf heeft laten zetten. Voor wie oprecht bezig is met de toekomst, is vandaag dan ook een dag van regionale rouw. Net de partijen die verantwoordelijk waren voor het achteruitboeren van ons land, die het land regelrecht de afgrond ingereden hebben de voorbije twee jaar, worden daar electoraal voor beloond. Kan de politieke paradox nog groter zijn?
Al moeten we er meteen aan toevoegen dat er in het verleden wel meer een opvallende correlatie was tussen crisis en het succes van partijen die geen oplossingen maar holle frasen aanboden zoals ondermeer N-VA doet. Meer zelfs, in de huidige tévécratie, waarbij electoraal succes grotendeels bepaald wordt door het succes van politici in spelletjesprogramma’s, zou het niets minder dan een mirakel geweest zijn mocht de kiezer het licht gezien hebben en echt gekozen hebben voor verandering.
Dat licht scheen evenwel gisteren niet en dus hypothekeerde de kiezer zijn toekomst met een keuze voor conservatieve en destructieve krachten die het volledig aan enig haalbaar én toekomstgericht project ontbreekt. Dat gebeurde niet enkel in België. Ook in de ons omringende landen koos de kiezer vooral voor behoudsgezinde krachten die vaak zelf mee de crississen veroorzaakt hebben. En dat is jammer gezien de immense uitdagingen waar we voor staan.
Eén en ander roept dan ook vragen op naar de wijze waarop deze keuze gebeurd. Politici zijn er altijd als de eersten bij om de verkiezingen tot de hoogmis van de democratie te bombarderen en de uitslag daarvan sacrale eigenschappen toe te kennen als zijn de geheel objectief tot stand gekomen wil van het volk. De vraag die zich stelt is evenwel of het volk wel objectief kan kiezen? Of het volk wel op objectieve wijze ingelicht wordt over de alternatieven die het heeft tijdens de stembusgang. De invloed van de moderne massamedia, verstrengeld als deze zijn met allerlei economische en politieke belangengroepen, vormt een niet geringe bias van de keuze. En wat als de keuze van het volk de toekomst van datzelfde volk hypothekeert? Is de democratische keuze (?) bijvoorbeeld belangrijker dan het oplossen van, soms zelfs levensbedreigende, problemen zoals de klimaatcrisis of de sociale crisis?
Categorie: CD&V, crisis, democratie, klimaatsverandering, N-VA, PS, verkiezingen, verkiezingsuitslag, Vlaamse regering